Facebook is groter geworden dan Google. Of liever, dat kon u gisteren op het internet lezen. Want eigenlijk klopt het niet helemaal. Maar Google heeft wel degelijk reden om zich zorgen te maken.
Het cijfer is afkomstig van een bedrijfje dat Hitwise heet. Hitwise heeft uitgerekend dat de website Facebook.com vorige week iéts vaker bezocht is dan Google.com. Namelijk 7,07 procent van alle web-bezoeken in de Verenigde Staten, versus 7,04 procent.
Dat cijfer moet behoorlijk worden gerelativeerd. Ten eerste slaat het alleen op de Verenigde Staten. Google staat daar een stuk zwakker dan elders in de wereld, omdat Yahoo er nog altijd een zwaargewicht is. Ten tweede: Hitwise heeft alleen de Google-zoekmachine bekeken, niet de vele andere populaire Google-sites zoals YouTube en Gmail. En ten derde: Hitwise meet hoe vaak een website wordt bezocht. Dat is niet de meest gebruikte maat van het internetgebruik. Meestal telt men het aantal unieke bezoekers van een website - en dan is Google de grootste, met Facebook op een verre vijfde plaats (na Yahoo, Microsoft en AOL).
Toch is het niet helemaal een losse flodder. Niemand kan er omheen kijken dat Facebook aan een onvoorstelbaar tempo is aan het groeien. En al heeft Google dan nog steeds - veel - meer bezoekers, op Facebook blijven de mensen langer hangen en ze keren ook veel vaker terug.
En dat had u voor uzelf ook kunnen achterhalen. Let maar eens op hoe vaak mensen hun Facebook-status updaten en hoe snel ze reageren op wat anderen er doen. Ook terwijl ze 'aan het werk' zijn. Facebook is een website van een heel nieuwe orde aan het worden, die mensen aan zich bindt op een manier dat geen enkele andere site dat heeft voorgedaan.
Bestemming
Google is nog steeds de portier van het web. Bijna iedereen die op het internet zit, passeert via het Google-zoekvenster. Dat is een bijzonder machtige positie.
Maar Google is vooral het beginpunt van een internetsessie. Iedereen komt erlangs - op weg naar elders. Naar een nieuwssite of een fotosite, bijvoorbeeld. Al jaren probeert Google om - ook - een bestemmingssite te worden. Met YouTube en Gmail heeft het trouwens twee heel belangrijke bestemmingssites. Andere initiatieven van de zoekreus op dit vlak hadden minder succes.
Vandaag is het zo dat zoekverkeer belangrijker is dan ander internetverkeer. Want in het zoekverkeer zitten momenteel de meeste advertentiedollars. Zijn dominantie van het zoekverkeer geeft Google het leeuwendeel van alle online advertentieinkomsten.
Maar dat zou kunnen veranderen, wanneer bestemmingssites erin slagen hun troeven - dat mensen er veel langer vertoeven - beter om te zetten in inkomsten. Vandaag worstelen veel bestemmingssites daar nog mee. Facebook zit ook met dat probleem. Het bedrijf heeft ondertussen maar liefst 400 miljoen gebruikers, een verdubbeling op één jaar, maar het maakt nog steeds geen winst.
Maar Facebook heeft een andere troef. Bij zijn start in 2004 was het gewoon een sociaal netwerk - een site waar je in contact kunt blijven met je vriendenkring. Zoals er toen al andere sociale netwerken waren, bijvoorbeeld Friendster en MySpace, en zoals er sindsdien nog talloze zijn bijgekomen. Ondertussen is het echter veel meer geworden dan dat. Veel mensen bezoeken het internet, zonder ooit Facebook te verlaten. Ze lezen er de updates van hun vrienden en posten er hun vakantiefoto's. Ze gebruiken Facebook-berichten steeds vaker in plaats van e-mail. En zelfs hun nieuws lezen ze op Facebook - nieuws dat daar gepost wordt door hun vrienden of door de kranten zelf.
Dat maakt andere internetspelers bijzonder jaloers. Google probeerde eerder al een eigen sociaal netwerk uit te bouwen, Orkut. Het werd alleen in Brazilië een succes. Begin dit jaar probeerde Google het opnieuw, met Google Buzz. Maar in de eerste dagen maakte Google al zoveel fouten, dat een doorbraak bijzonder onwaarschijnlijk wordt. Zo wilde Google zijn sociaal netwerk een duwtje in de rug nemen, door automatisch iedereen met wie we e-mail uitwisselen via Gmail, op te nemen in een publieke lijst 'vrienden' op Buzz. Veel mensen waren bijzonder boos dat hun e-mailcontacten (bijvoorbeeld met concurrenten of ex-vriendjes) op die manier publiek werden gemaakt. Google corrigeerde deze misser snel, maar het kwaad is waarschijnlijk al geschied.
Dominique Deckmyn leidt De Standaard Online.Elke dag beantwoordt De Standaard een actuele vraag.