Notionele-intrestaftrek kost 2 miljard euro
06/03/2008 07:00
De kostprijs van de notionele-intrestaftrek bedroeg in 2006 - tijdens het eerste jaar van toepassing - 2,024 miljard euro. Dat blijkt uit een nota van de studiedienst Financiën, zo schrijven De Tijd en L'Echo donderdag.
Het rapport wijst er ook op dat het fiscale gunstregime "niet geleid heeft tot een verhoging van het aantal directe investeringen in ons land".
De oppositie in de Kamer vraagt de minister van Financiën, Didier Reynders (MR), al maandenlang naar de kostprijs van de notionele-intrestaftrek. Woensdag herhaalde Reynders in het parlement dat de impact van de maatregel pas eind juni geëvalueerd kan worden, zodra alle aangiftes van vennootschappen verwerkt zijn.
Nochtans beschikt de federale regering over een studie op basis van ongeveer 40 procent van de aangiftes van bedrijven, vernamen de kranten. De studiedienst van Financiën extrapoleerde de cijfers naar alle ondernemingen. Daaruit blijkt een "brutokostprijs" van 2,024 miljard euro. Dat komt onder andere omdat veel bedrijven hun balans optimaliseerden en zo een groter belastingvoordeel verkregen, staat te lezen in de nota.
De studiedienst van Financiën berekende dat de nettokostprijs 763 miljoen euro bedraagt. Die ligt lager dan de brutokosten, onder meer omdat de coördinatiecentra voor het bestaan van de notionele-intrestaftrek al een gunstig fiscaal statuut genoten.
Bovendien werden bij de invoering van de notionele-intrestaftrek enkele compenserende maatregelen genomen, die de budgettaire kosten (geraamd op 506 miljoen euro) moesten verzachten.
Rekening voor werknemer
Het ACV zegt dat de rekening voor de ontsporing van de notionele intrestaftrek voor de werknemer is. Het is een bevestiging van onze opmerkingen dat er weinig indicaties zijn dat de maatregel heeft geleid tot meer werk en investeringen, zegt Chris Serroyen, aan het hoofd van de studiedienst van het ACV. "Het bevestigt ook de budgettaire ontsporing van de notionele intrestaftrek".
Serroyen wijst erop dat de kost van de maatregel in 2007 meer dan 15 pct hoger zal liggen. Dat volgt uit een stijging van het toegepaste rentepercentage met 10 pct en de 5,5 pct hogere bedrijfswinsten. Dat komt neer op een meerkost van 322 miljoen euro tot 2,346 miljard euro of een nettokost van 1,085 miljard euro. Bovendien komt de maatregel pas in 2007 en 2008 op kruissnelheid, zegt hij.
Volgens Serroyen bewijzen de cijfers "de budgettaire ontsporing van de maatregel met een miljard euro en de onwil van minister Reynders om misbruiken aan te pakken". Volgens het ACV was de één miljard euro extra beleidsruimte beter besteed om de koopkracht te verbeteren. "De rekening van de budgettaire ontsporing is voor de werknemer", dixit Serroyen.